H-alfafilter

Opgave 6 (vraag 21 t/m 25) uit eindexamen Natuurkunde VWO 2025 tijdvak 1

Vraag A
[E] Straling en materie[E2] Elektromagnetische straling en materie [Systematische Natuurkunde] H12: Astrofysica
3p

Verreweg het meeste licht dat we waarnemen van de zon wordt uitgezonden vanuit de laag van de zon die fotosfeer heet. De planckkromme hiervan is weergegeven in figuur 1. Bepaal de temperatuur van de fotosfeer volgens figuur 1.

Figuur 1 bij vraag 21 van opgave H-alfafilter (Natuurkunde VWO 2025)

Voor nakijken en persoonlijke tips van de AI-docent: Maak een foto van jouw antwoord of type het in.

Vraag B
[E] Straling en materie[E2] Elektromagnetische straling en materie [Systematische Natuurkunde] H12: Astrofysica
3p

Op foto’s van de zon zijn zogenaamde zonnevlekken te zien. Zie figuur 2. In zo’n zonnevlek is de uitgestraalde intensiteit van de fotosfeer 16 keer zo klein als buiten een zonnevlek. Beredeneer hoeveel keer zo laag de temperatuur van de fotosfeer in een zonnevlek is ten opzichte van de temperatuur van de fotosfeer daarbuiten.

Voor nakijken en persoonlijke tips van de AI-docent: Maak een foto van jouw antwoord of type het in.

Vraag C
[E] Straling en materie[E2] Elektromagnetische straling en materie [Systematische Natuurkunde] H12: Astrofysica
1p

De relatief dunne laag in de zon boven de fotosfeer heet de chromosfeer. Zie figuur 3. De chromosfeer is een gasvormige laag die vooral bestaat uit waterstof.

De chromosfeer is onder normale omstandigheden heel moeilijk waarneembaar doordat deze wordt overstraald door de veel fellere fotosfeer. Om de chromosfeer te kunnen waarnemen wordt een zogenaamde Hα-filter\text{H}_\alpha\text{-filter} gebruikt. Dit laat alleen golflengtes door in een klein golflengtegebied rond 656,28 nm656,28\ \text{nm}. Deze golflengte komt voor in het emissiespectrum van de chromosfeer, terwijl het spectrum van de fotosfeer hier een absorptielijn heeft.

De Hα-golflengte\text{H}_\alpha\text{-golflengte} komt overeen met een overgang in het energieniveauschema van waterstof.

Geef aan bij welke overgang deze golflengte hoort: A tussen de grondtoestand en de eerste aangeslagen toestand B tussen de grondtoestand en de tweede aangeslagen toestand C tussen de eerste aangeslagen toestand en de tweede aangeslagen toestand D tussen de tweede aangeslagen toestand en de derde aangeslagen toestand

Figuur 1 bij vraag 23 van opgave H-alfafilter (Natuurkunde VWO 2025)

Voor nakijken en persoonlijke tips van de AI-docent: Maak een foto van jouw antwoord of type het in.

Vraag D
[F] Quantumwereld en relativiteit[F1] Quantumwereld [Systematische Natuurkunde] H13: Quantumwereld
2p

Een Hα-filter\text{H}_\alpha\text{-filter} bevat een zogenaamd etalon. Een etalon bestaat uit twee plaatjes met half doorlatende spiegels die evenwijdig aan elkaar zijn opgesteld, op enige afstand van elkaar. Wanneer een lichtstraal invalt, kan deze worden gereflecteerd tussen de twee plaatjes. Bij de meeste golflengtes vindt daarbij destructieve interferentie plaats. Sommige golflengtes zullen door het filter juist wél doorlaten worden. Zie figuur 44. Bij een etalon in een Hα-filter\text{H}_\alpha\text{-filter} vallen de lichtstralen vrijwel loodrecht in op de eerste plaat (de hoek in de tekening is in figuur 44 overdreven weergegeven). Bij elke reflectie treedt er een zogenaamde fasesprong op. Dat wil zeggen dat de gereduceerde fase van de lichtstraal verandert met 12\frac{1}{2}, maar omdat dit in het etalon telkens een even aantal keren plaatsvindt hoef je hiermee geen rekening te houden. De afstand dd tussen beide plaatjes bepaalt welke golflengtes doorlaten worden. Voor deze golflengtes geldt:

λ=2nd(1)\lambda = \frac{2}{n}d \quad (1)

Hierin is nn een geheel getal. Leg met behulp van figuur 44 uit dat deze formule klopt.

Figuur 1 bij vraag 24 van opgave H-alfafilter (Natuurkunde VWO 2025)

Voor nakijken en persoonlijke tips van de AI-docent: Maak een foto van jouw antwoord of type het in.

Vraag E
[F] Quantumwereld en relativiteit[F1] Quantumwereld [Systematische Natuurkunde] H13: Quantumwereld
4p

Bij een Hα-filter\text{H}_\alpha\text{-filter} is het etalon zo afgesteld dat de golflengte van 656,28 nm656,28\ \text{nm} maximaal wordt doorlaten. Dit is echter niet de enige golflengte die wordt doorlaten. De doorlaatcurve van een etalon laat nooit slechts één piek zien, maar altijd een serie van pieken. Zie de doorgetrokken grafiek in figuur 55. Elke piek van deze grafiek correspondeert met een andere waarde van nn in formule (1)(1). Om alleen de Hα-golflengte\text{H}_\alpha\text{-golflengte} zichtbaar te maken wordt een etalon gecombineerd met een tweede filter. Dit is een standaardfilter dat een relatief groot gebied rondom een vaste golflengte doorlaat. In figuur 55 is de doorlaatcurve van dit tweede filter aangegeven met de onderbroken lijn.

De breedte die de doorlaatcurve van het tweede filter maximaal mag hebben, hangt af van de onderlinge afstand tussen de pieken, Δλn\Delta\lambda_n, in de doorlaatcurve van het etalon.

Van een bepaald etalon is de onderlinge afstand tussen de platen dd gelijk aan 42,0 μm42,0\ \mu\text{m}.

Voer de volgende opdrachten uit:

  • Bereken voor dit etalon de waarde van nn die hoort bij de Hα-piek\text{H}_\alpha\text{-piek}.
  • Bereken de grootte van Δλn\Delta\lambda_n in deze situatie.
Figuur 1 bij vraag 25 van opgave H-alfafilter (Natuurkunde VWO 2025)

Voor nakijken en persoonlijke tips van de AI-docent: Maak een foto van jouw antwoord of type het in.

Antwoordmodel